%E2%80%98Eindelijk+weer+tijd+voor+onze+kalveren%E2%80%99
Nieuws

‘Eindelijk weer tijd voor onze kalveren’

Het kalverbedrijf van Joris en Veronique van der Doelen uit Vinkel (Nbr) heeft het laatste jaar een ware metamorfose ondergaan. De ondernemers breiden hun bedrijf uit met een nieuwe stal, inclusief een emissiearm systeem. Deze innovatie voerden ze ook door in een bestaande stal. De helft van hun bedrijf is daarmee uitgerust met een brongericht stalsysteem, inclusief welzijnsroosters. Alle stallen – nieuw, renovatie en bestaande – staan ook nog eens onder een luchtwasser die uit drie delen is opgebouwd. Bij elkaar een flinke investering en heel veel werk. Met de komst van de nieuwe kalveren in november is een enorme klus tot een einde gekomen. “Eindelijk hebben we weer volop tijd voor onze kalveren.”

Precies honderd jaar geleden, is de overgrootvader van Joris van der Doelen op deze plek begonnen met een veebedrijf. Intussen is Joris (37) de derde generatie die hier kalveren houdt. Vader Bert (68) werkt volop mee op het bedrijf en zelfs opa Adriaan (90) verricht nog hand- en spandiensten. Waar keuzes voor de toekomst van het bedrijf in al die honderd jaar steeds betrekkelijk eenvoudig werden genomen, ligt dat nu anders. Zeker in Noord-Brabant. Al acht jaar pusht de provincie boeren om te investeren in emissiereductie, terwijl de beschikbare technieken door rechters worden afgeschoten. Het is een vreemde spagaat waarin Brabantse veehouders zich sinds 7 juli 2017 bevinden, wat het bepalen van de juiste bedrijfsstrategie extra moeilijk maakt.

Brongericht stalsysteem
Om mee te bewegen met het beleid, besloten Joris en Veronique in 2019 een vergunning aan te vragen voor een luchtwasser. Een uitbreiding in dieraantallen naar ruim tweeduizend kalveren was daarbij logisch om de investering betaalbaar te houden. Maar ook Joris kent de nadelen van een luchtwasser: het stalklimaat verbetert niet en de mestkosten blijven gelijk. Toen zich in 2020 een subsidieregeling aandiende voor brongerichte stalsystemen, hebben de Vinkelse ondernemers zich hiervoor ingeschreven. Ze kozen voor een ondiepe, gecoate mestkelder met continue urineafvoer. Een mestschuif onder het rooster voert de vaste mest af naar een afgedekte container buiten de stal. Na het schuiven kan de keldervloer met water nagesproeid worden. Bovendien zijn er voorbereidingen getroffen om de keldervloer te koelen waardoor de ammoniakuitstoot verder afneemt.

Meerdere vliegen in één klap
Met het brongerichte stalsysteem willen Joris en Veronique meerdere vliegen in één klap slaan. Want naast emissiereductie, hopen ze met de gescheiden meststromen de afzetkosten van de kalvermest flink te verlagen. Daarnaast zal door de directe verwijdering van mest uit de stal het stalklimaat verbeteren. Zo draagt de investering bij aan een hogere diergezondheid en hopelijk ook een lager antibioticagebruik.
Om het dierenwelzijn te verbeteren, hebben de ondernemers geïnvesteerd in een rubberen vloer, de ComfiFlor van Swaans Beton. Dit betonnen rooster met een rubberen toplaag is indrukbaar en heeft een smalle balkbreedte van 9 centimeter (inclusief het rubber) waardoor het rooster de mest goed doorlaat.

Joris en Veronique voldoen met hun investeringen aan het Brabantse milieubeleid. “Dat geeft een goed en geruststellend gevoel”, geeft Joris aan.

Alles op de luchtwasser
De hier genoemde investeringen hebben de ondernemers uitgevoerd in een nieuwe stal voor 640 dieren en een bestaande stal voor 480 dieren. Omdat het nieuwe stalsysteem niet op de RAV-lijst staat, zijn deze twee stallen voor de vergunning aangesloten op een luchtwasser. Ook de overige stallen op het erf zijn aangesloten op de luchtwasser. Om de afgewerkte lucht uit alle stallen door één luchtwasser af te voeren, is deze opgedeeld in drie segmenten die met grote luchtkanalen aan elkaar verbonden zijn. Joris en Veronique voldoen met hun investeringen aan het Brabantse milieubeleid. “Dat geeft een goed en geruststellend gevoel”, geeft Joris aan, maar hij erkent ook dat het alles bij elkaar een flinke investering is geweest. “Gelukkig zijn de contractprijzen op dit moment goed, maar zo’n plan uitvoeren gaat niet zomaar. Je moet je leveranciers, de bank en je contractgever meenemen in je verhaal.” De ondernemers werken samen met de Pali Group.

Wel twijfels, toch doorgezet
Hebben de ondernemers nooit getwijfeld of ze de juiste keuze aan het maken waren? “Jawel. We hebben meerdere keren aan de keukentafel gezeten en ons afgevraagd of we niet te ver voor de muziek uit lopen. Waarom wachten we niet gewoon af tot er meer duidelijkheid is vanuit de provincie, zoals de meeste andere kalverhouders doen.” Maar ook de andere Brabantse veehouders worden momenteel voor het blok gezet en moeten in juli 2026 hun bedrijf op orde hebben. Bij het maken van hun keuzes speelt voor Joris en Veronique ook mee dat ze geloven in het idee en de voordelen van dagontmesting. “Dat maakt het makkelijker om vast te houden aan je gemaakte plan.”

“De kalveren zijn heel zeker van zichzelf op het ComfiFlor-rooster. Ze lopen en springen meer dan op de houten roosters.”

Kalveren hebben veel grip
Eind oktober en begin november zijn de kalveren in de stal gekomen. Wat opvalt in twee stallen die zijn uitgevoerd met het welzijnsrooster, is dat de kalveren mooi droog liggen. Joris: “De kalveren zijn heel zeker van zichzelf. Ze lopen en springen meer dan op de houten roosters.” Glad zijn de roosters niet. Daar was hij in eerste instantie wel bang voor. “Ik zie dat de kalveren veel grip hebben. Met bloedtappen moet je daarom iets meer actie ondernemen om de dieren te vangen.”
In de nieuwe stal zijn Joris en Veronique ook begonnen met speenbakken van G. Van Beek en Zn. Ze spelen hiermee in op mogelijke toekomstige Europese regelgeving waarbij eenlingboxen verboden worden. De rvs speenbakken zijn op maat gemaakt afhankelijk van het aantal dieren in het hok, in dit geval tien, en worden alleen gebruikt tijdens het opstarten. Daarna gaan ze over op de trog. Het concept met de speenbakken bevindt zich nog in een proeffase. De overgang van speenbak naar trog is in ieder geval lastiger, merkt Joris.
Met de speenbakken is het niet meer nodig om de kalveren in een eenlingbox te zetten. Toch hebben de kalverhouders de mogelijkheid om in ieder hok twee eenlingboxen te plaatsen. Hiermee kunnen ze dieren afzonderen die extra zorg nodig hebben of ziek zijn. “Als deze kalveren met anderen aan de speenbak staan, drinken ze te weinig”, zegt Joris. Nu kan ik ze apart zetten en apart voeren.”

De vaste mestfractie wordt naar buiten geschoven en weggepompt naar een afgesloten rvs container.

Mestproductie eerste maand laag
Omdat de kalveren pas enkele weken op stal staan, hebben de mestschuiven nog niet gelopen. De mestproductie is dermate laag dat het geen zin heeft de schuiven aan te zetten, vertelt Joris. Hij verwacht ze pas na een maand voor het eerst te hoeven gebruiken. Intussen kan wel de urine wegstromen naar een gesloten opvang onder de nieuwe stal zodat deze niet verder emitteert. De vaste fractie wordt naar buiten geschoven en weggepompt naar een afgesloten rvs container. In de renovatiestal (dwarsopstelling) gebeurt het wegschuiven van de vaste fractie naar de zijkant. Vervolgens neemt een schuif, die over de volle lengte van de stal gaat, de mest mee naar een afstort. Bij de nieuwe stal (lengteopstelling) gebeurt dat door een mestschuif die over de volledige breedte van stal loopt.
Het stalsysteem scheidt de urine en vaste mest vrijwel volledig zodat er een zuivere urinefractie ontstaat. Dit zetten de kalverhouders af op eigen land en bij akkerbouwers en melkveehouders in de buurt tegen transportkosten. Omdat de urinefractie ruim 60 procent van de mesthoeveelheid beslaat, geeft dit een flinke reductie van de mestkosten. De vaste fractie wordt afgevoerd naar een vergister.

Het ventilatieniveau in de nieuwbouwstal ligt op ongeveer de helft van de bestaande stallen. “Je hoeft veel minder kuubs te ventileren", zegt Joris.

Helft minder ventileren
Opvallend is ook dat het ventilatieniveau in de nieuwbouwstal op ongeveer de helft ligt van de bestaande stallen. “Je hoeft veel minder kuubs te ventileren. De stal ruikt veel frisser. Als de oude stal bedompt ruikt en je de ventilatie wilt verhogen, is de nieuwe stal nog super fris.” Het lage ventilatieniveau is ook gunstig voor de staltemperatuur. Zeker bij jonge kalveren. “In de oude stallen trek je ’s nachts al snel te veel lucht naar binnen, dan wordt het ook eerder koud. In de nieuwe stal is de temperatuur veel makkelijker op een hoger niveau te houden. Dat komt de gezondheid van de dieren ten goede.”

Drie segmenten, eentje stinkt
Joris neemt de verslaggever nog even mee naar de ‘master’ luchtwasser waar de lucht uit de verschillende stallen samenkomt. De wasstraat is opgedeeld in drie segmenten. In het voorste deel komt de lucht uit de nieuwe stal met het emissiearme stalsysteem, in het tweede deel komt de lucht van de renovatiestal met het emissiearme stalsysteem. In het derde segment komt de lucht van een standaard stal met diepe mestkelder. Waar je in het eerste deel amper iets ruikt, is de lucht in het derde deel scherp en amper te harden. Joris grijnzend: “Dat verschil is niet een klein beetje, maar enorm. Dit moet straks ook in de emissiecijfers naar buiten komen.” De komende ronde gaat hij het stalsysteem optimaliseren. De volgende ronde zullen de metingen starten. “Na een jaar weet ik hoe de investering op het gebied van emissie uitpakt.”

Trots op het eindresultaat
De ondernemers zijn blij dat de renovatie en nieuwbouw achter de rug zijn. Ook zijn ze trots op het eindresultaat. Het afgelopen jaar was hij naast kalverhouder ook uitvoerder en aanspreekpunt voor alle leveranciers en medewerkers die op het erf liepen. Nu de rust is wedergekeerd, is er eindelijk weer volop tijd voor de kalveren.

Foto: Vier generaties Van der Doelen: opa Adriaan, vader Bert, Joris (37), Dex (7) en Tijn (1)


‘Renovatie oude stal niet aan te raden’

Joris en Veronique van der Doelen hebben twee stallen op hun bedrijf uitgevoerd met een brongericht stalsysteem waarbij de urine continu weg kan lopen naar een gesloten opvang en de vaste fractie wordt afgevoerd via een mestschuif naar een afgesloten container. Het plaatsen van dit emissiearm systeem in de nieuwbouwstal zorgt niet voor noemenswaardige problemen. Maar het aanbrengen in een bestaande stal is enorm arbeidsintensief en duur. “Ik raad het niemand aan”, zegt Joris. Om de betonnen roosters en de betonnen voorzetwanden van de mestkelder in de stal te krijgen, is de complete zijgevel van de bestaande stal verwijderd. Na het afbreken van de bestaande voerinstallaties en inrichting, is de mest handmatig uit de kelders verwijderd en de keldervloer brandschoon gemaakt. Vervolgens is er over de volledige lengte aan de buitenkant van de stal een kelder gemaakt voor de afvoer van urine en vaste fractie, inclusief aandrijving van de mestschuiven. Daarna is de urinegoot op de bestaande keldervloer aangebracht en is er vervolgens een hellende betonvloer over de keldervloer gestort waar de mestschuiven overheen gaan. Vervolgens moeten de betonnen voorzetwanden en betonnen roostervloeren naar binnen geschoven worden. Als dit klaar is kan de inrichting weer opgebouwd worden en de zijgevel opnieuw gemetseld. De kosten zijn hoog en kunnen volgens Joris alleen uit met behulp van een subsidie. “Ook heb ik hulp gehad van heel veel vrienden en bekenden, anders was het nooit gelukt.”


 

Agenda

    Er zijn momenteel geen evenementen gepland

Meer agenda

De Stoppersregeling

Alle antwoorden op veel gestelde vragen

Klik hier

Stelling

Loading

Weer

Meer weer