Meeste kalveren halen norm biestopname
De biestvoorziening bij kalveren laat in 2025 over het algemeen een positief beeld zien, al blijft de spreiding in resultaten groot. Dat blijkt uit een analyse van vrijwillig ingezonden monsters binnen de Biestopnamecheck van Royal GD, waarbij het gehalte antistoffen (IgG) in het bloed van kalveren tussen de twee en zeven dagen oud wordt gemeten.
Het gemiddelde IgG-gehalte in het bloed kwam uit op 23 gram per liter, maar de variatie tussen bedrijven is aanzienlijk, met waarden die uiteenlopen van 4 tot meer dan 30 gram per liter. De uitslagen worden onderverdeeld in vier categorieën, variërend van uitstekend tot te laag, afhankelijk van het gehalte opgenomen antistoffen uit de biest.
80 procent boven grens
In totaal scoorde 37 procent van de kalveren in de categorie uitstekend en 45 procent als goed. Daarmee ligt ruim 80 procent van de dieren boven de grens van 18 gram per liter, die wordt gezien als minimum voor een adequate biestopname. Ongeveer 16 procent van de kalveren bleef onder deze norm en 2 procent had zelfs een duidelijk te laag gehalte. Een onvoldoende biestopname kan wijzen op knelpunten in de biestkwaliteit, het tijdstip van voeren of de hygiëne rond het afkalven en verstrekken. In dergelijke gevallen neemt de kans op gezondheidsproblemen, zoals diarree en luchtwegaandoeningen, toe.
Derde kwartaal slechter
Wel valt op dat in het derde kwartaal relatief meer kalveren onvoldoende antistoffen hebben opgenomen. Dat wijst erop dat de biestvoorziening in die periode niet altijd optimaal is verlopen. Tijdige verstrekking van voldoende biest van hoge kwaliteit en regelmatige controle van de opname blijven essentieel om de weerstand en gezondheid van jonge kalveren op peil te houden, stelt Royal GD. Hoeveel monsters zijn geanalyseerd en wat de reden van inzending van de bloedmonsters was, is niet bekendgemaakt.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland


